Ik ga starten …… ech wel

Om maar direct met de deur in huis te vallen: Zondag ga ik van start in de Marathon Rotterdam.

In mijn vorige bericht schreef ik dat ik flink aan het trainen was. De laatste lange duurloop was 30 km geweest. Natuurlijk moet ik ook afbouwen (“je moet nog opbouwen”, mafkees) Dus liep ik afgelopen zaterdag slechts 21 km. Dit keer alleen de shuffle, dat overigens al een beetje op hardlopen begint te lijken. Drie weken geleden zag mijn knie enigszins het licht. Dat moet dus voldoende zijn: drie weken goed trainen.

De Marathon Rotterdam heb ik tot nu toe 22 keer volbracht: 1987 (4:03) – 1990 (4:53 -mijn record ;-)) – 1991 (4:10) – 1992 (4:10) – 1993 (3:57) – 1994 (3:38) – 1995 (3:47) – 1996 (3:44) – 1997 (3:33) – 1998 (3:39) – 1999 (3:26) – 2000 (3:31) – 2001 (3:28) – 2002 (3:28) – 2003 (3:35) – 2004 (3:35) – 2005 (4:02) – 2006 (3:26) – 2007 (3:34) – 2008 (3:32) – 2009 (3:34) – 2010 (3:27).
Misschien begrijp je het een beetje (of helemaal niet: jammer dan) dat ik hier altijd wil proberen te starten. Zeker omdat het mijn woonplaats is, half Rotterdam en omstreken langs de kant staat, veel atleten van de club meedoen en het de mooiste marathon van Nederland is. En sinds dit jaar het klassement van de supermarathonmasters.

Uiteraard weet ik dat het een helle tocht kan gaan gaat worden. Mijn dwaze idee heb ik natuurlijk met mijn fysiotherapeut besproken. Hij gaf groen licht (hij kent me ;-)). Met jou durf ik het wel aan, zei hij. Ik kan niets kapot lopen. Ik ga ook zeker niets forceren. Tijd is dus totaal onbelangrijk. Ik moet, kan en wil ook zeker in het begin niet te snel gaan. Dat is het beste (voor de knie). De limiet ligt op 5,5 uur. In principe moet dat haalbaar zijn. In ieder geval zal het een tijd worden die nog niet op mijn marathontijdenlijstje staat ;-), als ik de finish haal. Dit lijstje staat ondertussen al een tijdje op 69. Het wordt tijd dat de 70 deze plaats inneemt. En of dat gaat lukken, is voor mij net zo’n grote vraag, als voor ieder ander. Ik zou zeggen: “Komt dat zien”

Zie je zondag ergens in de achterhoede een loper met een raar pasje, heb geen medelijden. Ik ben het. Ik doe het mezelf aan. Ga niet roepen dat ik moet gaan rennen als ik wandel. Daar is een reden voor ;-).
Ik wens de echte atleten heel veel succes.